Heiligen van de Karmel

De profeet Elia, Terese van Jezus,heiligen2
Johannes van het Kruis, Thérèse van het Kind Jezus,
Maria van de Menswording,
Simon Stock, Maria Magdalena de ‘Pazzi’,
Anna van de heilige Bartholomeus,
Teresia van Jezus ‘de Los Andes’,
Joannes Soreth,
Teresia-Benedicta van het Kruis (Edith Stein),
Maria van de Gekruisigde Jezus, Albertus van Jeruzalem, Elisabeth van de Drie-eenheid,
Rafaël van de heilige Jozef (Kalinowski),
Maria van de Engelen, Petrus Thomas
Cyriacus Elia Chavara
Andreas Corsini, Baptista Spagnoli
Maria Angeles van de heilige Jozef en vele anderen

De Teresiaanse Karmel heeft een grote genade ontvangen van God. Hij heeft ons veel mensen gegeven, die ons de weg naar Hem willen wijzen. Een Heilige is iemand die zo’n voorbeeldig vroom en deugdzaam leven heeft geleid, dat de Kerk officieel verklaart dat hij/zij vereerd mag worden. Hun leven wordt daarmee ten voorbeeld gesteld.
Naar wij aannemen en geloven zijn Heiligen zo met God verbonden dat wij, die nu nog op aarde leven, hen kunnen aanroepen opdat zij bij God onze voorspreker kunnen zijn. In de Geloofsbelijdenis van de Katholieke Kerk wordt gesproken van de ‘gemeenschap van Heiligen’. Een gemeenschap die ons herinnert aan de opdracht tot rechtvaardiging. Heiligen zijn mensen die door hun geloof een bijzondere plaats bij God innemen. Het is belangrijk op te merken, dat een mens zich niet zelf kan heiligen. Hij blijft altijd afhankelijk van de genade van God. De mens kan en moet bij zijn heiliging wel meewerken.

Lees verder bij Heilligen en bij meer Heiligen

Paus Benedictus XVI – Audiëntie 13 april 2011

Heiligheid


Dierbare broeders en zusters,

Tijdens de algemene audiënties van de twee laatste jaren hebben de figuren van een groot aantal mannelijke en vrouwelijke heiligen ons vergezeld: we hebben hen van meer nabij leren kennen en begrijpen dat heel de Kerkgeschiedenis getekend is door deze mannen en vrouwen, die door hun geloof, liefde en leven voor zo vele generaties lichtbakens geweest zijn, ook voor ons. Heiligen manifesteren op verschillende manieren de krachtige en omvormende aanwezigheid van de Verrezene; zij hebben hun leven zo geheel door Christus laten grijpen dat zij met de heilige Paulus kunnen zeggen: “Ikzelf leef niet meer, Christus is het die leeft in mij” (Gal. 2, 20). Hun voorbeeld volgen, hun voorspraak inroepen, met hen in gemeenschap treden, “verbindt ons met Christus, van wie alle genade en het leven van het volk van God zelf als uit hun bron en oorsprong voortvloeien”  1 . Aan het einde van deze catechesecyclus, zou ik enkele gedachten over heiligheid willen aanreiken.

Wat wil heilig zijn, zeggen? Wie is geroepen heilig te zijn? Men is nog dikwijls geneigd te denken dat heiligheid voorbehouden is voor enkele zeldzame uitverkorenen. De heilige Paulus spreekt daarentegen over Gods grote plan van God: “In Hem heeft Hij ons uitverkoren voor de grondlegging der wereld, om heilig en vlekkeloos te zijn voor zijn aangezicht” (Ef. 1, 4). En hij spreekt over ons allen. In het centrum van Gods plan staat Christus, in wie God Zijn gelaat toont: het mysterie dat in de eeuwen verborgen was, heeft zich ten volle getoond in het Woord dat mens geworden is. Paulus zegt: “Want in Hem heeft God willen wonen in heel zijn volheid” (Kol. 1, 19). In Christus is de levende God nabij willen komen, zichtbaar, aanraakbaar, hoorbaar, opdat iedereen zou kunnen putten uit Zijn volheid aan genade en waarheid 2 . Daarom kent heel het christelijk bestaan één enkele wet boven alles, degene die de heilige Paulus uitdrukt in een formule die in al zijn geschriften terugkeert: in Jezus Christus. Heiligheid, de volheid van christelijk leven, bestaat niet in buitengewone ondernemingen, maar in de vereniging met Christus, in het beleven van Zijn mysteries, in het eigen maken van Zijn houding, gedachten, gedragingen. De maat van heiligheid wordt gegeven door de maat die Christus in ons bereikt, door de maat waarin wij ons leven door de kracht van de Heilige Geest naar het Zijne modelleren. Het is conform zijn met Jezus, zoals de heilige Paulus zegt: “Want die Hij te voren heeft gekend, heeft Hij ook te voren bestemd tot gelijkvormigheid met het beeld van zijn Zoon” (Rom. 8, 29). En de heilige Augustinus roept uit: “Mijn leven zal levend zijn helemaal van U vervuld”  3 . Het spreekt in de Constitutie over de Kerk duidelijk over de universele roeping tot heiligheid door te zeggen dat niemand ervan is uitgesloten: “In de menigvuldige levensvormen en –taken is het één en dezelfde heiligheid waarnaar allen streven die, door de Geest van God bewogen, … de arme, nederige en kruis dragende Christus navolgen, om ook aan zijn heerlijkheid deelachtig te worden”  4 .Doch de vraag blijft: hoe kunnen wij de weg van de heiligheid gaan, aan die oproep beantwoorden? Kan ik het op eigen kracht? Het antwoord is duidelijk: een heilig leven is niet hoofdzakelijk de vrucht van onze inspanning, van onze daden, want het is God, de driemaal Heilige  5  die ons heilig maakt, het is de werking van de Heilige Geest die ons binnenin bezielt, het is het leven van de verrezen Christus zelf dat ons meegedeeld wordt en omvormt. Om het nog eens te zeggen met het Tweede Vaticaans Concilie: “De leerlingen van Christus zijn geenszins volgens hun werken, maar volgens zijn heilsbestel en genade door God geroepen en in Christus gerechtvaardigd. Door het doopsel in het geloof zijn wij ware kinderen van God, deelachtig aan de goddelijke natuur en dus werkelijk heilig geworden. Zij behoren dan ook de heiligmaking die zij ontvingen in hun leven met Gods genade te bewaren en te volbrengen”  6 . Heiligheid heeft dus haar eerste oorsprong in de doopgenade, in het feit op het Paasmysterie van Christus geënt te zijn, waarmee ons Zijn Geest werd meegedeeld, Zijn leven als Verrezene. De heilige Paulus benadrukt heel krachtig de omvorming die de doopgenade in de mens voltrekt en hij creëert er een nieuwe terminologie voor: met Christus gestorven, met Christus begraven, met Christus verrezen, met Christus levend gemaakt: ons bestaan is onlosmakelijk met het Zijne verbonden. “Door de doop in zijn dood zijn wij met Hem begraven, – schrijft hij – opdat ook wij, zoals Christus door de macht van zijn Vader uit de doden is opgewekt, een nieuw leven zouden leiden” (Rom. 6, 4). Maar God respecteert onze vrijheid altijd en vraagt dat wij deze gave zouden aanvaarden en leven volgens de vereisten die het met zich meebrengt, Hij vraagt dat wij ons laten omvormen door de werking van de Heilige Geest, door onze wil in overeenstemming te brengen met Gods wil.

Hoe kan onze manier van denken en handelen de manier van denken en handelen worden van Christus en met Christus? Wat is de ziel van de heiligheid? Ook hier preciseert het Tweede Vaticaans Concilie:

“ ‘God is liefde; wie in de liefde blijft, blijft in God en God blijft in hem’ (1 Joh. 4, 16). Zijn liefde nu heeft God in ons hart uitgestort door de heilige Geest die ons werd geschonken  7 . Daarom is de eerste en meest onontbeerlijke gave de liefde, waardoor wij God boven alles en de naaste om zijnentwil beminnen. Om echter deze liefde als vruchtbaar zaad te laten groeien en vrucht te laten dragen, moet iedere gelovige gaarne naar het woord van God luisteren en zijn wil, met behulp van zijn genade, metterdaad uitvoeren, dikwijls aan de sacramenten, vooral aan de eucharistie, en aan de heilige handelingen deelnemen en zich met standvastigheid toeleggen op het gebed, de zelfverloochening, de ijverige broederdienst en de beoefening van alle deugden. Want de liefde, die de band van de volmaaktheid is en de vervulling van de wet  8 , beheert en bezielt alle heilsmiddelen en voert ze naar hun doel”  9 .

Misschien is die taal van het Tweede Vaticaans Concilie voor ons nog een beetje te plechtig, misschien moeten wij de dingen nog eenvoudiger zeggen. Wat is de essentie? Essentieel is, nooit een zondag te laten voorbijgaan zonder een ontmoeting met de verrezen Christus in de Eucharistie; dat is geen last die erbij komt, maar een licht voor de hele week. De dag niet beginnen noch eindigen zonder tenminste een kort contact met God te hebben. En op de weg van ons leven, de wegwijzers volgen die God ons heeft meegedeeld in de tien geboden, met Christus gelezen, die eenvoudigweg de uitleg zijn van wat naastenliefde is in de gegeven situaties. Dit lijkt mij de ware eenvoud en grootheid van een heilig leven: de ontmoeting met de Verrezene op zondag; het contact met God bij de aanvang en op het einde van de dag; bij beslissingen de wegwijzers volgen die God ons gegeven heeft en niets anders zijn dan vormen van liefde. “Zo is de liefde, zowel tot God als tot de naaste, het kenmerk van de ware leerling van Christus”  10 . Dat is de ware eenvoud, grootheid en diepgang van het christelijk leven, van het feit heilig te zijn.

Ziedaar waarom de heilige Augustinus in zijn commentaar op het vierde hoofdstuk van de Eerste Brief van de heilige Johannes, kan zeggen: “dilige et fac quod vis”, “bemin en doe wat ge wil”. En hij vervolgt: “zwijgt ge, zwijg dan uit liefde; spreekt ge, spreek dan uit liefde; verbetert ge, verbeter dan uit liefde; vergeeft ge, vergeef dan uit liefde; dat de bron van de liefde in u zij, want uit die bron kan niets anders voortkomen dan het goede”  11 . Wie door de liefde geleid wordt, wie de liefde ten volle beleeft, wordt door God geleid, want God is liefde. Dat geeft aan dit grote woord, “dilige et fac quod vis”, “bemin en doe wat ge wil”, zijn waarde.

Wij kunnen ons zonder twijfel afvragen: kunnen wij met onze beperktheden, met onze zwakheid, naar zo’n verheven toppen streven? In de loop van het liturgische jaar nodigt de Kerk ons uit een menigte van heiligen te gedenken, ’t is te zeggen degenen die de liefde ten volle beleefd hebben, die Christus in hun dagelijks leven wisten te beminnen en te volgen. Zij zeggen ons dat het mogelijk is deze weg te begaan. In elke periode van de Kerkgeschiedenis, in elke streek op de wereldbol, behoorden de heiligen tot alle leeftijden en levensstaten, zij hebben het concrete gelaat van elk volk, taal en natie. En zij zijn zeer verscheiden types. Wat mijn persoonlijk geloof betreft, moet ik zeggen dat vele heiligen, niet allemaal, werkelijk echte sterren zijn aan de hemel van de geschiedenis. En ik zou er willen aan toevoegen dat er voor mij niet alleen bepaalde grote heiligen zijn van wie ik hou en die ik goed ken, “die de weg wijzen”, maar ook gewone heiligen, namelijk goede mensen die ik in mijn leven zie en nooit zullen heilig verklaard worden. Het zijn, om zo te zeggen, bij manier van spreken normale mensen, zonder zichtbaar heldendom, maar in hun dagelijkse goedheid zie ik de waarheid van het geloof. Deze goedheid die zij in het geloof van de Kerk tot rijpheid lieten komen, is voor mij de zekerste apologie van het christendom en het teken dat aantoont waar zich de waarheid bevindt.

In de gemeenschap van de heiligen, al of niet heilig verklaard, die de Kerk dank zij Christus in al haar leden beleeft, genieten wij van hun aanwezigheid en gezelschap en koesteren wij de vaste hoop hun weg te kunnen navolgen en op een dag hetzelfde gelukzalige leven, het eeuwige leven, te kunnen delen.

Dierbare vrienden, hoe groot en mooi en ook hoe simpel, is de christelijke roeping gezien vanuit dit licht! Wij zijn allemaal tot heiligheid geroepen: zij is de maat van het christenleven. Nogmaals, de heilige Paulus drukt het met grote innigheid uit waar hij schrijft: “maar aan ieder van ons afzonderlijk is de genade verleend naar de maat van Christus’ gave. … Hij heeft ook gaven gegeven: sommigen maakte Hij apostelen, anderen profeten, anderen evangelisten, weer anderen herders en leraars, om de heiligen toe te rusten voor het werk der bediening, tot opbouw van het lichaam van Christus, totdat wij allen tezamen komen tot de eenheid in het geloof en de kennis van Gods Zoon, tot de volmaakte Man, tot de gehele omvang van de volheid van de Christus” (Ef. 4, 7.11-13). Ik zou iedereen willen uitnodigen zich open te stellen voor de werking van de Heilige Geest, die ons leven omvormt, zodat ook wij stukjes worden van de grote mozaïek van heiligheid die God in de geschiedenis geschapen heeft, opdat het gelaat van Christus in heel zijn schittering straalt. Laat ons geen angst hebben naar boven te streven, naar Gods toppen; laten wij geen angst hebben dat God te veel van ons zou vragen, maar laten wij ons bij elke dagelijkse daad leiden door Zijn woord, ook al voelen wij ons arm, ongeschikt, zondig: Hij is het die ons naar Zijn liefde zal omvormen.

Een reactie plaatsen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

  • Welkom

    (klik foto)

  • Index Heiligen – volg. geboorte jaar

    Heiligen t/m1600:

    Elia
    Jeanne van Toulouse
    Johannes Soreth
    Teresa van Jezus
    Johannes van het Kruis
    Anna van St. Bartholomeus
    Maria Magdalena de Pazzi

    Heiligen t/m1850

    Maria Margareta van de Engelen
    Maria van de Engelen
    Karmelietessen van Compiègne
    Rafaël van de Heilige Joseph

    Heiligen t/m1900

    Thérèse van het Kind Jezus
    Maria Pilar, Teresia en Maria Angeles
    Elisabeth van de Drieeenheid
    Titus Brandsma
    Teresia Benedicta van het Kruis
    Maria Maravillas van Jezus

    Heiligen vanaf 1900

    Teresa de Jesús

  • Afbeeldingen (klik foto)

  • “Breng mij Heer naar het dal van de Kerit”

    (klik foto)

  • Tot het hart

    Voor ons is God niet simpelweg het Woord. In de Sacramenten geeft Hij zichzelf persoonlijk aan ons, door middel van fysieke werkelijkheden. In de kern van onze relatie met God en onze levenswijze staat de Eucharistie. Dat oprecht vieren, en zo Christus persoonlijk ontmoeten, moet de kern van al onze dagen zijn.
    P. Benedictus XVI

  • Stuur een kaart

    Stuur een kaart

    klik foto

  • Tot het hart

    Jezus, ik dank U om mijn roeping. Zeg mij wat dit vraagt aan weder liefde. Leer mij in het hart van Uw Kerk als Maria te zijn: levend vanuit het gebed, beeld van Uw goedheid, dienend in, niet van de wereld. Geef al mijn broeders en zusters een blij geloof, fris als de Karmelhoogte en trouw in moeilijke uren. Maar ons één en geef dat wij U eens mogen zien van aangezicht tot aangezicht. Amen.

  • (klik foto)

  • Tot het hart

    We kunnen van ons hart een bidplaats maken waar we ons nu en dan terugtrekken om even met God samen te zijn, in stille vrede, zonder pretentie, en met een hart dat bemint.

  • Twitter Updates

  • Tot het hart

    „Het leven van een karmelietes is een communie met God van de morgen tot de avond en van de avond tot de morgen. Als onze cellen en panden niet vol waren van Hem, wat zouden ze leeg zijn. Maar we zien Hem door alles heen. We dragen Hem in ons. Ons leven is een vooruitbeleven van de hemel” (Br. 46).
    Z. Elisabeth van de Drie-eenheid

  • Getijdengebed


    (klik foto)

    gebruikersnaam: getijdengebed
    wachtwoord: brevier

  • januari 2016
    Z M D W D V Z
    « Okt   Feb »
     12
    3456789
    10111213141516
    17181920212223
    24252627282930
    31  
  • Rozenkrans


    (klik foto)

  • Tot het hart

    "Neem niets als waarheid aan wat geen liefde heeft. En neem ook niets aan als liefde wat geen waarheid bezit, het ene zonder het andere verandert in een leugen, een vernietigende leugen "
    H. Teresa Benedicta van het Kruis

  • Enter your email address to subscribe to this blog and receive notifications of new posts by email.

    Doe mee met 697 andere volgers

  • Follow Ordo Carmelitarum Discalceatorum Secularis on WordPress.com
  • Radio Maria


    (klik foto)

%d bloggers op de volgende wijze: